Aandelen uit opkomende markten zijn ongeveer 40 procent goedkoper dan Amerikaanse aandelen op basis van koers-winstverhouding. Het verschil is daarmee een stuk groter dan het langetermijngemiddelde. Aberdeen Investments ziet hierin een teken dat aandelenrendementen in opkomende markten wel eens aan een flinke opleving kunnen zijn begonnen.
De drijvende kracht achter deze opleving zijn de drie C’s: Capex (kapitaaluitgaven), Carry (impact van de Amerikaanse dollar op de activaklasse) en Cheap Valuations (goedkope waarderingen). Maar de vermogensbeheerder waarschuwt tegelijkertijd voor de risico’s rond artificiële intelligentie. Opkomende markten overtroffen de verwachtingen in 2025. De MSCI EM-index presteerde voor het eerst sinds 2020 beter dan de ontwikkelde markten en steeg met 34 procent uitgedrukt in Amerikaanse dollars. Dit gebeurde ondanks recordlage instroom en toenemende geopolitieke spanningen.
Ondanks deze sterke prestaties noteert de MSCI EM Index nog steeds een korting van 42 procent ten opzichte van de S&P 500. Het langetermijngemiddelde is 32 procent. Op basis van cyclisch gecorrigeerde koers-winstverhouding (CAPE) noteren aandelen uit opkomende markten zelfs een korting van 60 procent.
Gabriel Sacks, Investment Director Asian Equities bij Aberdeen Investments: “Opkomende markten zijn dit jaar met een sterk momentum begonnen. Na de ingrijpende veranderingen die in 2025 plaatsvonden, ondersteunen aantrekkelijke waarderingen, verbeterende fundamentals en een gunstige macro-economische omgeving de veerkracht van de regio’s. Door de wereldwijde investeringsuitgaven, valutatrends en structurele thema’s staan de opkomende markten er voor de komende jaren goed op.” Zoals altijd zijn er risico’s die in de gaten moeten worden gehouden. De bezorgdheid over de hoge waarderingen van technologiebedrijven is niet alleen een Amerikaanse kwestie. “Maar vooralsnog zijn de waarderingen van technologiebedrijven in opkomende markten, met name in Korea en Taiwan, minder hoog en is AI slechts een van de vele winstmotoren voor de halfgeleiderfabrikanten in Noord-Azië. De vraag naar geheugenchips trekt aan door herstel in niet-AI-gerelateerde sectoren, terwijl India zich blijft onderscheiden als een binnenlandse consumptiemarkt.”
Wat zwengelt de groei aan?
De wereldwijde economische vooruitzichten zien er gunstig uit met een versoepeling van het beleid in de ontwikkelde markten en een verwachte wereldwijde bbp-groei van ongeveer 3,4 procent. Opkomende markten zullen een groot deel van deze groei voor hun rekening nemen. Investeringen in de reële economie stimuleren de bbp-groei, met wereldwijd hoge kapitaaluitgaven. Dergelijke cycli hebben in het verleden geleid tot een snellere groei van de winst per aandeel in opkomende markten. De geschiedenis lijkt zich te herhalen, aangezien de consensus voor de winstgroei in opkomende markten in 2026 maar liefst 18 procent bedraagt.
Structurele drijfveren van de opwaartse cyclus volgens Aberdeen:
Capex (kapitaalinvesteringen)
- Begrotingstekorten blijven toenemen: overheden voeren een omvangrijke investeringscyclus door, als uitvloeisel van een breed scala aan beleidsdoelstellingen. Het resultaat is een toename van de uitgaven voor reële activa, aangezien overheden uitgaven doen voor defensie, energiezekerheid, het versterken van de veerkracht van toeleveringsketens en infrastructuur. In de VS, Japan, de EU en China nemen de begrotingstekorten naar verwachting toe in 2026, wat de reële economie een impuls zal geven. Opkomende markteconomieën bieden de industriële diepgang, technische expertise en overvloed aan hulpbronnen die nodig zijn om aan deze vraag te voldoen.
- Kapitaaluitgaven voor AI nemen niet af: volgens de consensus van Bloomberg zullen Meta, Google, Amazon en Microsoft ongeveer 600 miljard dollar uitgeven. TSMC heeft zijn prognose voor uitgaven voor 2026 verhoogd tot een recordbedrag van 56 miljard dollar. Daarom blijven de winstvooruitzichten voor hardwarebedrijven aantrekkelijk, waarbij met name geheugenleveranciers in Korea hun marktpositie benutten om de prijzen te verhogen. De consensuswinstgroei voor (de subsector) technologische hardware bedraagt 49 procent. Hoewel de risico’s toenemen, versnellen de investeringsuitgaven en blijven ze de winsten opdrijven.
- Carry (de impact van de Amerikaanse dollar op beleggingen in opkomende markten): valutabewegingen op korte termijn zijn moeilijk te voorspellen, maar de structurele argumenten voor een zwakkere dollar blijven intact. Het Amerikaanse beleid, sterkere balansen van opkomende markten en stijgende binnenlandse investeringen zorgen zowel voor kapitaaluitstroom uit de dollar als voor instroom in opkomende markten. Dit komt dit jaar al tot uiting in sterkere valuta’s van opkomende markten en Aziatische landen.
- Goedkoop: de MSCI EM-index noteert zoals gezegd een korting van ongeveer 42 procent ten opzichte van de S&P 500. Aan de grondslag van de hoge waarderingen van Amerikaanse technologiebedrijven wordt hier en daar getwijfeld en de winstgevendheid van datacenters moet nog worden bewezen. De breedte van EM lijkt steeds waardevoller te worden: de binnenlandse consumptie herstelt zich, het beleid wordt versoepeld en de winnaars breiden zich uit van AI naar het segment van geheugenchips, de industrie en de binnenlandse vraag in India.



