De markten worden geconfronteerd met een aanzienlijke – maar vooralsnog niet ontwrichtende – schok nadat de Verenigde Staten en Israël aanvallen hebben uitgevoerd op Iraanse militaire doelen. De directe implicatie is dat zogeheten staartrisico’s opnieuw worden ingeprijsd: olieprijzen kunnen stijgen, risicovolle beleggingen dalen en veilige havens profiteren. Veel hangt echter af van de vraag of het conflict overslaat naar bredere regionale of binnenlandse instabiliteit. Dat zegt Christian Schulz, hoofdeconoom bij Allianz Global Investors.
Het geopolitieke landschap is ingrijpend veranderd nadat de VS en Israël op zaterdag 28 februari grootschalige luchtaanvallen begonnen op Iraanse militaire doelen, met als doel de ballistische raketcapaciteiten van Iran en grote delen van zijn maritieme infrastructuur te verzwakken. Zondagochtend werd bevestigd dat de Iraanse opperste leider ayatollah Ali Khamenei is omgekomen. De Iraanse Rode Halve Maan meldde dat meer dan 200 mensen in het land zijn gedood.
Meer dan beperkte militaire actie
Iran reageerde met raket- en droneaanvallen op Israël. Bahrein, Qatar en de Verenigde Arabische Emiraten, waar zich Amerikaanse militaire bases bevinden, wisten Iraanse vergeldingsaanvallen te verijdelen. Ook Koeweit, Jordanië en Saoedi-Arabië verklaarden Iraanse aanvallen te hebben onderschept. De Amerikaanse president Donald Trump riep Iraanse troepen publiekelijk op de wapens neer te leggen en moedigde de Iraanse bevolking aan het regime uit te dagen zodra de Amerikaanse en Israëlische operaties zijn afgerond. Volgens ons onderstrepen deze uitspraken dat de politieke doelstellingen mogelijk verder reiken dan een beperkte militaire actie, ook al blijft een volledige regimewisselstrategie onzeker.
De dood van Khamenei vergroot de kans op regimewisseling en langdurige instabiliteit in Iran. Tegelijkertijd zouden markten dit op termijn ook positiever kunnen beoordelen, omdat het de kans op een regionaal conflict kan verkleinen en gunstigere langetermijnuitkomsten – zoals een gematigder Iran – mogelijk maakt. De risico’s blijven echter groot, aangezien elke overgang gepaard kan gaan met ernstige valkuilen, waaronder burgeroorlog of economische instorting.
Wat olie betreft verwachten wij verdere prijsstijgingen, zelfs na de recente toename van de risicopremie. Een directe verstoring van de Iraanse export zou beperkt effect hebben, aangezien deze al onder sancties valt. Wel kunnen leveringen aan China – dat het merendeel van de Iraanse olie afneemt – worden geraakt. Markten zouden bovendien rekening moeten houden met waarschijnlijkere verstoringen van het aanbod door binnenlandse instabiliteit, sabotage of regionale spanningen. Een langdurige sluiting van de Straat van Hormuz lijkt vooralsnog onwaarschijnlijk, maar vormt gezien het strategische belang voor mondiale olie- en LNG-stromen wel een niet te verwaarlozen staartrisico. Op korte termijn is hogere volatiliteit waarschijnlijker dan een langdurige stijging naar prijsniveaus die passen bij een regionale oorlog.
Oplopende inflatieverwachtingen
Voor centrale banken bemoeilijken door energie gedreven inflatie-impulsen het rentebeleid. Een stijging van de olieprijs met 5 tot 10 procent voegt doorgaans vrijwel direct 0,1 tot 0,3 procentpunt toe aan de totale inflatie in de VS en Europa. Centrale banken kunnen tijdelijke prijspieken negeren, maar bij een langdurig conflict en aanhoudend hoge energieprijzen bestaat het risico dat inflatieverwachtingen verder oplopen, wat vooral problematisch is in landen waar de inflatie al jaren boven de doelstelling ligt, zoals de VS en het VK.
De Federal Reserve zou een meer dovish houding kunnen aannemen als de financiële condities sterk verkrappen. Met een kerninflatie van rond de 3 procent en twijfels binnen het beleidscomité over het verdere desinflatiepad zijn interne verdeeldheden echter mogelijk. Duidelijker neerwaartse risico’s voor groei en arbeidsmarkt kunnen nodig zijn voordat het beleid wordt aangepast. De Europese Centrale Bank en de Bank of England zullen waarschijnlijk voorzichtiger opereren, zeker als gasprijzen de olie volgen. De Zwitserse nationale bank kan worden gedwongen in te grijpen als de frank boven 0,90 per euro stijgt.
De komende dagen zullen bepalend zijn voor de vraag of markten stabilisatie inprijzen of opschuiven naar een hoger risicoregime. Binnenlandse ontwikkelingen in Iran, signalen van aanhoudende verstoringen in de Golfregio en eventuele politieke of logistieke steun van Rusland of China zullen de kans op een bredere geopolitieke confrontatie aanzienlijk beïnvloeden.



