De krantenkoppen draaien om megacaps die meeliften op de AI-boom, maar hun capex levert ook stille meevallers op voor kleinere bedrijven verderop in de keten. Dat maakt Amerikaanse smallcaps interessant voor beleggers: ze noteren tegen waarderingen die we alleen nog maar gezien hebben bij eerdere cyclische dieptepunten, stelt Michel Bourgon, fondsbeheerder bij Degroof Petercam Asset Management (DPAM).
Succesverhalen beginnen vaak klein. Bedrijven als Nvidia, Monster Beverage, Netflix, Amazon en Intuitive Surgical waren ooit under-the-radar, voordat ze uitgroeiden tot marktleiders. Het hoort bij smallcaps: meer volatiliteit, grotere spreiding en minder zichtbaarheid, maar ook veel opwaarts potentieel.
In het afgelopen decennium bleef de Russell 2000 met circa 132% totaalrendement ver achter bij de S&P 500 (circa 269%), mede door extreme concentratie in een handvol megacaps. Historisch normaliseert zulke scheefgroei. Dat wijst eerder op een cyclische verstoring dan op structurele neergang en kan de opmaat zijn voor een bredere inhaalslag.
Dalende rente gunstig voor smallcaps
Toen de Federal Reserve de beleidsrente in 2023 boven 5% tilde, kregen smallcaps de hardste klap. Zij zijn vaker afhankelijk van variabel gefinancierd krediet en moeten sneller herfinancieren dan largecaps, waardoor rentelasten meteen opliepen en marges onder druk kwamen. Nu de rente is gedaald richting 3,5%, ontstaat weer lucht: herfinanciering wordt haalbaarder en de druk op rentedekking neemt af. Voor rentegevoelige bedrijven kan zelfs een kleine extra verlaging al merkbaar schelen.
Ongeveer vier vijfde van de omzet van Russell 2000-bedrijven komt uit de VS. Bij grote Amerikaanse ondernemingen ligt het buitenlandse aandeel juist rond 40%, wat hun veel bredere wereldwijde blootstelling onderstreept.
Die binnenlandse oriëntatie kan smallcaps extra gevoelig maken voor Washingtons beleid. Recente Amerikaanse belastingwetgeving borgt en verruimt voordelen voor in de VS actieve bedrijven, zoals de aftrek voor zogeheten pass-through-inkomen en investeringsprikkels via versnelde afschrijving. Door hun ‘thuisomzet’ vertaalt zo’n pakket zich bij smallcaps vaak directer in een lager effectief tarief, hogere winst na belasting en meer vrije kasstroom dan bij multinationals die winsten over meerdere rechtsgebieden spreiden.
Uitbreiding van AI
Sinds de lancering van ChatGPT in november 2022 draaien de krantenkoppen vooral om megacaps die de AI-boom aanjagen. De grootste techbedrijven investeren gezamenlijk honderden miljarden in datacenters, chips en energie-infrastructuur. Minder zichtbaar is dat die investeringsgolf een stevige meevaller oplevert voor small- en midcaps verderop in de keten.
De uitrol van datacenters vraagt om koeling, elektrische systemen, staal, netuitbreiding, gespecialiseerde aannemers en langlopende onderhoudscontracten. Voor veel kleinere industriële toeleveranciers vertaalt dat zich in meerjarige orderboeken, bijna als een binnenlandse industriële cyclus.
Opvallend is dat deze dynamiek minder afhangt van de vraag of AI-toepassingen uiteindelijk de beoogde winstgevendheid halen. De kapitaalcyclus loopt nu al. Datacenters en aansluitingen moeten worden ontworpen, gebouwd en onderhouden; inkomsten van veel mkb-bedrijven zijn gekoppeld aan gefinancierde projecten en contracten. Zo krijgen beleggers blootstelling aan de investeringsgolf zónder te hoeven wedden op wie de AI-winsten straks incasseert.
Kansen voor beleggers
Amerikaanse smallcaps noteren momenteel tegen een forse korting op largecaps gemeten aan toekomstige winstmultiples. De spread nadert niveaus die eerder vooral bij cyclische dieptepunten voorkwamen, doorgaans in perioden van piekpessimisme en lage winstverwachtingen. Dat past bij de huidige marktconcentratie laat in de cyclus.
Daarmee ontstaan beleggingskansen: als financieringscondities verder normaliseren, binnenlandse winsten veerkrachtig blijven en smallcaps meeprofiteren van AI-gerelateerde investeringen, kan zelfs een bescheiden herwaardering richting historische gemiddelden een flinke impuls geven. Actief beheer blijft daarbij cruciaal: selecteer sterke modellen, let op orderboeken en mijd kwetsbare balansen.



