Jean-Paul van Oudheusden: ‘Vraagtekens rond inflatie stellen beleggers voor dilemma’

0

Door de ontwikkelingen in het Midden-Oosten denken beleggers met enige huivering terug aan het jaar 2022, toen na de invasie van Rusland in Oekraïne de inflatie omhoogschoot naar zo’n 10%. Centrale bankiers dachten eerst aan een tijdelijk effect, maar zagen zich later genoodzaakt de rente in meer stappen te verhogen. De rem op de economische groei leidde tot dalende aandelenkoersen, waarbij alleen de energiesector een positief rendement liet zien. Hoe groot is in 2026 de kans op een herhaling van zetten en welke energieaandelen hebben tot nu toe het sterkst gereageerd op het nieuws? Dat vraagt  eToro-marktanalist Jean-Paul van Oudheusden zich af.

Door de blokkade van de Straat van Hormuz is er sprake van een klassieke aanbodschok. De mogelijke inflatie die daardoor ontstaat is een combinatie van twee effecten. In de eerste ronde is er sprake van een verhoogd niveau, omdat afnemers van olie en gas direct hogere prijzen moeten betalen. In de tweede ronde worden hogere brandstofprijzen doorberekend in consumentenprijzen, met uiteindelijk hogere looneisen tot gevolg. Op dat moment is er sprake van een structureel hoger prijsniveau. Zo ver is het nu nog niet.

Het IMF hanteert de vuistregel dat 10% hogere energieprijzen resulteren in 0,4% hogere inflatie. Die lijn volgend betekent het dat een inflatie van 10%, zoals in 2022, bij een olieprijs van ongeveer $110 per vat nog niet in zicht is. Omdat goedkope energie een belangrijke variabele is voor economische groei houdt de markt er bovendien rekening mee dat verreweg de meeste overheden zich zullen inspannen om de prijzen weer omlaag te krijgen.

Meerdere alternatieven voor olie en gas uit het Midden-Oosten

Zolang de Straat van Hormuz beperkt toegankelijk blijft en mogelijk ook de vaarroute door de Rode Zee wordt belemmerd, is dat gemakkelijker gezegd dan gedaan. Daarvoor gaat een te groot deel van de wereldhandel door deze vaarroutes. Dat plaatst beleggers voor een lastige keuze: portefeuilles wel of niet afdekken tegen hogere inflatie? Het zijn twee scenario’s met ver uiteenlopende uitkomsten. Het is interessant om te zien welke energieaandelen tot nu toe het sterkst op de ontwikkelingen hebben gereageerd (zie tabel).

De eerste gedachte van veel beleggers zal uitgaan naar de grootste olie- en gasmaatschappijen ter wereld, waaronder ExxonMobil, Shell en Cheniere Energy. Tegelijkertijd is het niet ondenkbaar dat politici, in het belang van de consument, de onverwacht hoge winsten van deze bedrijven willen afromen in de vorm van bijvoorbeeld een extra belasting (Europa) of een prijsplafond (Verenigde Staten). Om dat risico te ontlopen kan worden gedacht aan alternatieven, zoals raffinaderijen, olieproducenten uit andere landen, uitbaters van steenkolenmijnen of leveranciers van infrastructuur voor alternatieve energie.

Door het uitvallen van raffinaderijen in het Midden-Oosten kunnen raffinaderijen in de rest van de wereld meer vraag tegemoetzien. Overheden van Canada en Brazilië zijn minder genegen zich te bemoeien met prijszetting in de energiemarkt. Steenkool is allesbehalve populair, maar voor veel landen wel de snelste manier om het wegvallen van olie en gas uit het Midden-Oosten op te vangen. Leveranciers van batterijen en zonnepanelen kunnen goede zaken doen als landen versneld af willen van fossiele brandstoffen.

De tabel laat zien dat de markt vooralsnog vasthoudt aan aandelen van olie en gas producerende bedrijven, inclusief raffinage. Minder voor de hand liggende opties als steenkolen, batterijen en zonnepanelen hebben dit jaar nog geen grote koersbeweging laten zien. Daar liggen kansen voor beleggers als grote afnemers besluiten om daar toch voor te gaan.

Wat als de markt teruggaat naar ‘normaal’?

Positioneren voor het alternatieve scenario, aanhoudend lage inflatie doordat de rust in het Midden-Oosten terugkeert en energieprijzen dalen, lijkt eenvoudiger. Het hardst getroffen zijn de aandelenmarkten van Japan en Zuid-Korea in combinatie met dieselgebruikers in de transportsector, zoals vliegmaatschappijen, transportondernemingen en cruiseschepen. Op de Nederlandse beurs is een koersstijging van chipaandelen mogelijk als duidelijk wordt dat de inflatie niet noemenswaardig zal stijgen en centrale banken de rente niet hoeven te verhogen.

 

 

Deel dit artikel

Over de auteur

Redactie The Asset

De redactie is verantwoordelijk voor de dagelijkse nieuwsupdates op de website en nieuwsbrief van The Asset. Het team brengt met name nieuws en visies die interessant zijn voor beleggingsprofessionals.

Reacties


Kennispartners

Door de site te te blijven gebruiken, gaat u akkoord met het gebruik van cookies. meer informatie

De cookie-instellingen op deze website zijn ingesteld op 'toestaan cookies om u de beste surfervaring te geven. Als u doorgaat met deze website te gebruiken zonder het wijzigen van uw cookie-instellingen of u klikt op 'Accepteren' hieronder, dan bent u akkoord met deze instellingen.

Sluiten