Nederlandse ondernemingen die bijdragen aan de totstandkoming van commodity-benchmarks, zijn zich meer bewust van integer gedrag en de risico’s van manipulatie. De Autoriteit Financiële Markten (AFM) publiceert daarom een aantal good practices, die marktpartijen kunnen toepassen ter versterking van hun bedrijfsvoering.
In een verkennend onderzoek naar commodity-benchmarks van de AFM, zijn de partijen eensgezind in hun bewustzijn van de risico’s van manipulatie door de Libor-affaire en de valutaschikkingen. Ze hebben echter verschillende ideeën over de specifieke risico’s van manipulatie. Gemene deler is dat de vervlechting van verschillende activiteiten (productie, handel, opslag, verwerking) wordt gezien als een mogelijk risico.
De AFM heeft haar bevindingen uit deze verkenning gepubliceerd in het rapport Langs de financiële meetlat: Verkenning naar commodities en benchmarks in Nederland. In dit rapport staan ook vijf good practices, die marktpartijen kunnen toepassen ter versterking van hun bedrijfsvoering.
Tijdens het onderzoek bleek dat ondernemingen, die vaak niet onder direct toezicht staan, behoefte hebben aan dergelijke goede voorbeelden om de risico’s van manipulatie te verkleinen.
Omvang markt
Wereldwijd wordt jaarlijks voor ongeveer 3.000 miljard euro aan commodity-derivaten verhandeld, waarvan de prijs op basis van een benchmark wordt vastgesteld. Ook de fysieke handel (spot markt) is omvangrijk: ruim 5.000 miljard euro wordt verhandeld door middel van benchmarks.
Nederland is relatief groot in de fysieke en de financiële commodity-handel. Verschillende producenten en handelaren hebben hier hun hoofdkantoor. Nederlandse banken zijn wereldwijd actief als financier in de commodity-handel. Zij verschaffen leningen aan producenten en handelaren.
Aanleiding
Het verkennend onderzoek is bedoeld om een beter beeld te krijgen van de werking van de sector en de risico’s van manipulatie van de benchmarks. De verkenning was noodzakelijk, omdat de totstandkoming van deze benchmarks voor een belangrijk deel buiten de financiële sector gebeurt.
De AFM heeft voor deze verkenning gesproken met verschillende partijen, zoals producenten, gebruikers, handelaren en op- en overslagbedrijven. In samenspraak met de Nederlandsche Bank heeft de AFM onderzocht wat de rol van de Nederlandse banken is.
Verder heeft de AFM gesproken met een hedgefund en is een aantal gesprekken samen met de Britse toezichthouder op de financiële markten, de Financial Conduct Authority (FCA) gevoerd.
Vervolg door de AFM
Deze verkenning naar de commodity sector heeft de AFM een globaal beeld gegeven van de werking van deze markt in relatie tot benchmarks. De AFM heeft in het kader van deze verkenning geen beleid en procedures opgevraagd bij ondernemingen.
De FCA heeft onlangs wel een rapport gepubliceerd over de mate waarin partijen in de commodity-sector procedures en controlemechanismen hebben ingebouwd om marktmisbruik tegen te gaan. De FCA concludeert onder meer dat partijen nog niet alle lessen uit de Libor-affaire hebben geïmplementeerd.
De AFM zal daarom in 2016 opnieuw aandacht hebben voor de commodity-sector, door na te gaan of de betrokken partijen adequaat beleid hebben om manipulatie van benchmarks te ondervangen en te controleren of de werking van dit beleid in de praktijk ook effectief is. Ook zal de AFM bekijken in hoeverre de vijf good practices zijn opgepakt.
De toezichthouder zal tot slot inzetten op de ontvangst van signalen van partijen werkzaam binnen de commodity-sector. Uiteindelijk is het voor alle partijen van belang dat commodity en financiële markten eerlijk functioneren. Het schept dan ook een gemeenschappelijke verantwoordelijkheid voor actieve partijen en de toezichthouder om hieraan bij te dragen.



