‘Lage olieprijzen goed voor consumptieve bestedingen’

0

Het is een mythe om te denken dat de lage olieprijzen niet doorwerken in de consumptieve bestedingen in de Verenigde Staten. Integendeel, alles verloopt volgens het boekje, schrijft Jeremy Lawson, hoofdeconoom van Standard Life Investments (SLI), in zijn wekelijkse nieuwsbrief.

‘Lage olieprijzen goed voor consumptieve bestedingen’“Het reëel besteedbaar inkomen per huishouden is sinds juli 2014 (toen de olieprijs ging dalen) met 3,6% gestegen, terwijl over dezelfde periode de consumptieve bestedingen met 3,8% zijn gegroeid”, schrijft Lawson.

“De voordelen van lage olieprijzen zijn ook terug te vinden in de samenstelling van de consumptieve uitgaven. Autoverkopen zijn met 10% gestegen sinds de olieprijs piekte, het aantal afgelegde kilometers is sterk toegenomen en detailhandelsverkopen zijn met 4% gestegen.”

Dat de consumptie zou achterblijven bij de dalende olieprijs was meer een zaak van timing en perceptie. Lawson: “Juist toen de olieprijs kelderde, tussen november 2014 en februari 2015, steeg de spaarquote explosief en kwakkelde de consumptie. Tegelijkertijd was er sprake van een ongewoon strenge winter in de VS. Ook is het niet ongebruikelijk voor consumenten om nog even te wachten met het doen van grote aankopen, totdat zij zeker weten dat de lage olieprijs blijvend is. Het is weer eens een bewijs dat er niet te veel op fluctuaties op de korte termijn gelet moet worden, maar meer op de langetermijntrends.”

Maar volgens Lawson is het niet allemaal rozengeur en maneschijn bij de consumenten. “De groei van de reële consumptieve bestedingen neemt komend jaar zeer waarschijnlijk af. Tenzij de olieprijs verder omlaag gaat en de dollar aanzienlijk in waarde stijgt, zal de prijsinflatie toenemen tot 1,5 à 2%, eind 2016. Als het nominaal besteedbare inkomen in dezelfde periode niet toeneemt, zal de groei van het reële inkomen met bijna 2% afnemen. Dit impliceert dat, zolang de spaarquote onveranderd blijft, de reële consumptieve bestedingen zullen afnemen en daarmee de groei van het Amerikaanse bbp vertraagt.”

Lawson: “Consumptieve bestedingen kunnen op peil blijven als het nominale arbeidsinkomen toeneemt door óf een stijging van het aantal gewerkte uren óf een verhoging van het nominale loon. In theorie moeten lonen en arbeidsproductiviteit gaan groeien als er volledige werkgelegenheid is, ergens medio volgend jaar, en bedrijven in toenemende mate schaarse arbeid vervangen door goedkopere productiemiddelen. Of de economie de komende jaren bovengemiddeld kan blijven groeien, zal afhangen van of dit principe werkelijkheid wordt.”

Lees hier de hele nieuwsbrief van Jeremy Lawson, hoofdeconoom bij SLI

Deel dit artikel

Over de auteur

Redactie The Asset

De redactie is verantwoordelijk voor de dagelijkse nieuwsupdates op de website en nieuwsbrief van The Asset. Het team brengt met name nieuws en visies die interessant zijn voor beleggingsprofessionals.


Kennispartners

Door de site te te blijven gebruiken, gaat u akkoord met het gebruik van cookies. meer informatie

De cookie-instellingen op deze website zijn ingesteld op 'toestaan cookies om u de beste surfervaring te geven. Als u doorgaat met deze website te gebruiken zonder het wijzigen van uw cookie-instellingen of u klikt op 'Accepteren' hieronder, dan bent u akkoord met deze instellingen.

Sluiten