Het aandeel Amerikaanse gezinnen dat achterstallig is met betalingen op leningen is gestegen naar het hoogste niveau sinds 2010, toen het land nog herstelde van de kredietcrisis van 2007-2009. Dit bleek vrijdag uit de driejaarlijkse Survey of Consumer Finances van de Federal Reserve.
Het aandeel gezinnen dat achterstallig was met leningbetalingen steeg van ongeveer 12 procent naar bijna 20 procent. Het aandeel dat twee maanden of langer achterstallig was, nam toe van 5 naar ruim 8 procent.
“Gezinnen liepen vaker achter op hun financiële verplichtingen dan op enig moment sinds het onderzoek van 2010”, aldus het rapport.
Ook het aandeel gezinnen met een schuldaflossing van meer dan 40 procent van hun inkomen steeg, naar 8,6 procent, tegenover 6,5 procent in 2022 en daarmee het hoogste niveau sinds 2013.
Tegelijkertijd steeg het vermogen van de hoogste inkomensgroep sterk: het mediane vermogen van deze groep nam met 31 procent toe. Over alle gezinnen heen steeg het reële gemiddelde vermogen met 7 procent naar 1,24 miljoen dollar, terwijl het mediane vermogen met 2 procent toenam naar 215.900 dollar. Het verschil tussen beide maatstaven illustreert de scheve verdeling: de mediaan toont de middelste waarde van alle gezinnen, terwijl het gemiddelde wordt opgetrokken door een kleine groep met zeer hoge vermogens.
Het reële mediane gezinsinkomen steeg met 7 procent, terwijl het gemiddelde inkomen met 6 procent daalde. “Gezinnen aan de onderkant van de inkomens- en vermogensverdeling zagen een bescheiden toename van het mediane en gemiddelde inkomen, terwijl gezinnen aan de bovenkant een daling zagen”, aldus het rapport. “Deze patronen wijzen op een lichte afname van de inkomensongelijkheid tussen de twee onderzoeken.”



