De eurozone realiseerde vorig jaar het hoogste overschot ooit op de lopende rekening. In lidstaten met een overschot is het surplus alleen maar groter geworden. Duitsland boekte vorig jaar een recordoverschot van 8,2% en draagt zo niet bij aan een breder herstel in de eurozone. Dat betoogt James McCann, Europees econoom bij Standard Life Investments (SLI).
Het overschot in de eurozone kwam vorig jaar uit op 3% van het bbp. Vooral de perifere lidstaten, met Duitsland als het bekendste voorbeeld, hebben hun tekorten omgezet in een overschot. Het alsmaar toenemende Duitse surplus verwondert op het eerste gezicht.
Sinds de financiële crisis heeft de Duitse economie het op verschillende momenten moeilijk gehad, maar toch is de binnenlandse vraag niet een keer in de gevarenzone terecht gekomen. Sterker nog, de werkloosheid is gestaag gedaald vanaf 2009 naar het laagste punt sinds de Duitse hereniging.
Een verklaring hiervoor zou volgens McCann kunnen zijn dat Duitsland de vruchten plukt van een zwakke euro, die onmiskenbaar zwakker is dan een valuta die zou zijn gebaseerd op Duitse economische fundamentals. Als een andere mogelijke reden noemt hij de excessieve spaarzin waarmee Duitsland kampt en een gebrek aan investeringen.
“Dit is vooral terug te zien in de private sector waar de spaarquote voor huishoudens hoog is gebleven en de schuld als percentage van het inkomen geleidelijk is gedaald sinds de crisis”, legt McCann uit. Ook de bedrijfsschulden als percentage van het bbp blijven stabiel. “De publieke sector versterkt dit gedrag aangezien de overheid tracht de begroting in evenwicht te brengen en de schuld te verlagen.”
Zo bekeken is de Duitse lopende rekening symptomatisch voor een onderinvesteringsprobleem in het land, meent McCann. Als de private sector vasthoudt aan een voorkeur voor sparen dan zal de overheid haar balans moeten aanwenden om investeringen te stimuleren. Dit zou op korte en lange termijn de binnenlandse groei ondersteunen, terwijl ook de eurozonepartners van Duitsland hiervan profiteren.



