Het huidige monetaire beleid is niet meer serieus te nemen. Dat is toch wel de boodschap van zowel Stephanie Kelly (Standard Life Investments) en David Hooker (Insight). Beiden openen vanuit een verschillende hoek het vuur op centrale bankiers.
De geloofwaardigheid van het monetaire beleid wankelt. Toch zal het duren tot een volgende crisis voordat een nieuw monetair raamwerk gestalte krijgt, zo meent Hooker. Hij is gespecialiseerd in Inflation Linked Corporate Bonds bij Insight, wat een boutique van BNY Mellon is. Hij denkt wel dat 2017 het jaar kan worden waarin het debat over de toekomst van het monetaire beleid prominent op de politieke agenda’s komt te staan.
“Centrale banken hebben met man en macht geprobeerd de financiële crisis te keren. Het instrumentarium van de hedendaagse centrale bankier bestaat uit kredietverruiming en het opkopen van assets in combinatie met het verlagen van de rente. De tijd zal leren wat de gevolgen daarvan zijn. Maar de twijfel erover neemt toe bij monetaire autoriteiten nu al die onconventionele maatregelen geen hogere groei weten te bewerken. De roep klinkt dat er een nieuw beleidskader ontwikkeld moet worden. Een verschuiving bij de Bank of Japan (BoJ) is al zichtbaar.”
Scheve distributie welvaartseffecten
Ook bemerkt Hooker dat de aandacht groeit voor de (scheve) verdeling van de effecten van het beleid. “Van het opkoopprogramma profiteren met name de bezitters van activa, die doorgaans al vermogend zijn. Het protest hiertegen van degenen die niet profiteren wordt steeds luider. Centrale bankiers wuiven die kritiek weg door te stellen dat elk beleid gevolgen heeft voor de distributie van welvaart en dat zij slechts hun mandaat uitvoeren.”
Het is volgens hen aan de politiek om eventuele scheefgroei recht te trekken. Toch wel ietwat bevreemdend, aldus Hooker. “Het is onhoudbaar om te beweren dat onafhankelijke centrale banken niet politiek gekleurd zijn. Zij hebben immers de steun nodig van de bevolking voor het beleid dat zij voeren. De noodmaatregelen houden nu al bijna een decennium aan en dat tast het vertrouwen in de monetaire autoriteiten aan.”
Populistisch momentum
Economische onvrede kan leiden tot de opkomst van populistische partijen of populistisch beleid. Dat hoeft helemaal geen drama te zijn. Volgens Hooker kan namelijk het populistische momentum een krachtige katalysator zijn voor vergaande hervormingen. Meestal vindt dit plaats in de vorm van toenemende overheidsbestedingen om de economische groei te stimuleren en sociale initiatieven om ongelijkheid te bestrijden.
“De gevestigde orde is goed in het overnemen van populistische beleidsplannen om te voorkomen dat het populisme zijn ondergang inluidt”, meent de obligatie-expert. “Overheden moeten daarom wel nadenken over een verandering van de beleidskaders. Maar hoe een nieuw beleid vorm kan krijgen en in wat voor tijdsbestek is nog een open vraag.”
Tapering is op weg
Econoom Kelly van Standard Life geeft de Europese Centrale Bank (ECB) de volle laag. Zij concludeert dat het monetaire beleid van de rekenmeesters in Frankfurt over het hoogtepunt heen is. Niet slechts daar alleen. Ook wereldwijd bekeken. “Het monetaire beleid blijft in de eurozone ruim. Maar het besluit om het opkoopprogramma te verkleinen, voelt toch aan als een afname van het stimulerende monetaire beleid.” Het maakt duidelijk dat monetaire stimulering wereldwijd over zijn piek heen is, vindt Kelly.
“In de aanloop naar het rentebesluit van de ECB vroeg men zich af of Draghi het opkoopprogramma zou uitbreiden of beperken. Het is van allebei wat. Voorzitter Mario Draghi kondigde een verlenging van het opkoopprogramma aan, maar wel tegen een lager maandbedrag. Draghi deed zijn best om het niet als tapering te laten klinken.” Maar eigenlijk, zo suggereert Kelly, is hij met zijn collega’s bezig om de activiteiten om de economische groei op te pompen langzaam terug te schroeven.
“Eurofobische populistische partijen kunnen echter bij de aankomende verkiezingen in 2017 veel stemmen winnen”, stelt Kelly. “Die gebeurtenissen kunnen markten nerveus maken en een drukkend effect op de groei hebben. Dat kan de beslissing van de ECB weer onder druk zetten.”
Nieuw monetair raamwerk
In de eurozone lijken de cijfers weinig reden te geven voor een afbouw van het ruime monetaire beleid en er zijn ook weinig tekenen dat lidstaten hun bestedingen gaan opvoeren, wat enige druk bij de ECB weg zou nemen, signaleert de econoom. “De ingreep van de ECB lijkt daarom eerder een poging om het monetaire beleid duurzamer te maken. Maar de opgelegde beperkingen bakenen ook de mate van stimulering af en ondergraven enigszins het vertrouwen dat de centrale bank zijn inflatiedoelstelling weet te realiseren.”
Maar wat kunnen we in 2017 verwachten? Hooker van Insight vindt het tijd voor een nieuw monetair raamwerk. Maar dat zal nog wel op zich laten wachten. Nog erger: daarvoor is een nieuwe economische crisis nodig. “Hoewel de vooruitzichten voor de wereldeconomie onzeker blijven, zal de dominantie van het monetaire beleid en de onafhankelijkheid van centrale banken waarschijnlijk afnemen.”
Het tot nu toe academisch gevoerde debat over nieuwe monetaire beleidskaders kan in 2017 in de politieke mainstream doordringen, zo denkt Hooker. “Maar het zal duren tot de volgende financiële crisis tot een nieuwe monetaire orde ontstaat met grote implicaties voor de inflatie en de onafhankelijkheid van de centrale banken.”



