Who’s next? Dat is de vraag als in 2008 de kredietcrisis in alle hevigheid losbarst. Twee grote Amerikaanse effectenbanken, Lehman Brothers en Merrill Lynch, storten in de afgrond. Nog vóór de teloorgang van deze grote jongens moet een andere grote speler de handdoek in de ring gooien: Bear Stearns.
Na 85 jaar komt in maart 2008 een einde aan het leven van de Amerikaanse zakenbank Bear Stearns. Dat de oorspronkelijke oprichters Joseph Ainslee Bear, Robert B. Stearns and Harold C. Mayer Sr. de laatste stuiptrekking én de overname door rivaal JPMorgan Chase & Co niet meer hoeven mee te maken, is misschien maar beter ook. Ze zouden zich hebben omgedraaid in hun graf als ze wisten voor welk bedrag hun voormalige kindje van de hand is gedaan.
Bear Stearns wordt opgericht in New York in 1923. De drie oprichters beginnen met een startkapitaal van een half miljoen dollar. Het bedrijf overleeft de beurskrach van 1929 zonder dat er medewerkers ontslagen hoeven te worden. In 1933 staat de opening van een kantoor in Chicago op het programma, in 1955 gaan de deuren van de eerste internationale vestiging open, in Amsterdam. In 1985 betreedt Bear Stearns de beurs.
Rommelhypotheken
De zaken gaan uitstekend. Tachtig jaar na de oprichting behoort het bedrijf tot de vijf grootste zakenbanken van de Verenigde Staten. De handel in aandelen, valuta en (staats)obligaties, financiële dienstverlening aan zowel bedrijven als consumenten en begeleiding van overnames en fusies behoren tot de voornaamste activiteiten. De bank staat bekend als een slimme speler die concurrenten vaak net een stap voor is. Vóór de neergang heeft de zakenbank een kleine 14.000 medewerkers in dienst.
In 2007 beginnen de eerste donkere wolken zich boven de wolkenkrabber in het centrum van New York te verzamelen. Bear Stearns heeft heel veel geld gestopt in subprime hypotheken, Amerikaanse rommelhypotheken waarbij geld wordt geleend aan huizenkopers met een slechte kredietwaardigheid. Het gaat vooral om mensen die geen vast inkomen hebben. Zij betalen de eerste paar jaar een lage rente, die steeds verder oploopt. Twee hedgefondsen van Bear Stearns leiden grote verliezen op deze hypotheekconstructie en gaan onderuit door de hypotheekcrisis.
De zakenbank krijgt een noodkrediet van de Federal Reserve, het stelsel van Amerikaanse centrale banken, maar het leed is al geschied en het vertrouwen van klanten en beleggers zakt naar een dieptepunt. Eind 2007 noteert de zakenbank voor het eerst in de historie een kwartaalverlies. Dit wordt veroorzaakt door een afschrijving van 1,9 miljard dollar op de hypotheekgerelateerde beleggingen. Het verlies bedraagt 854 miljoen dollar.
Medewerkers worden ontslagen en liquiditeitsproblemen zijn aan de orde van de dag. Daarop besluit topman James Cayne, die het bedrijf veertien jaar leidde en zijn bonus voor 2007 liet schieten, af te treden. Cayne raakt eerder al behoorlijk in opspraak. Als de berichten over de grote problemen van de bank naar buiten komen, verkiest Cayne het spelen van een bridgetoernooi boven het afleggen van een verklaring. Klanten en kredietverleners willen geld zien omdat ze de zaak niet meer vertrouwen, maar dat geld is er niet. Bear Stearns klopt aan bij de Fed. Snel blijkt dat er nog maar een oplossing is: verkoop van de bank.
In de uitverkoop
Auw, wat doet het zeer. Werknemers en aandeelhouders staan op hun achterste benen als branchegenoot JPMorgan Chase probeert om de ooit zo succesvolle zakenbank voor een appel en een ei over te nemen. Slechts 2 dollar per aandeel heeft de concurrent over voor Bear Stearns. Daardoor gaat het vermogen van een groot aantal aandeelhouders in rook op. Een storm van kritiek barst los en leidt ertoe dat het bod uiteindelijk uitkomt op 10 dollar. Dat is overigens nog steeds een koopje. Vóór de misère was het aandeel nog goed voor 60 dollar, een jaar vóór de val zelfs 170 dollar.
Cayne kreeg een ‘schamele’ 61 miljoen dollar voor zijn aandelenpakket, dat ooit 1 miljard dollar waard was. De naam Bear Stearns wordt na de overname definitief naar de geschiedenisboeken verwezen. Andere grote jongens zouden spoedig volgen. Cayne is nog steeds een fervent bridgespeler.



