De gedwongen verkoop van een huis van 500 miljoen dollar in het Amerikaanse Bel Air zal de vastgoedmarkt niet omverblazen. Dat kan niet worden gezegd van het dreigende bankroet van het in Hong Kong genoteerde vastgoedbedrijf Evergrande.

Evergrande worstelt al lange tijd met het voldoen aan haar verplichtingen doordat de onderneming groei heeft bewerkstelligd met het stapelen van schulden. Daar komt bij dat de verkoop van huizen onder druk staat. Nieuwe huizen kunnen nog wel worden gefinancierd met een hypotheek. Maar die worden eigenlijk niet meer vertrekt als eenmaal gekochte huizen worden doorverkocht, waardoor het doorschuiven van een ‘oude’ naar een nieuwe woning is bemoeilijkt.
Evergrande staat 11% lager op 3,01 HK dollar tegen 26 HK dollar anderhalf jaar geleden. Ook de gelieerde bedrijven Property Services China (9,4% lager op 4,15 HK dollar tegen 18 HK dollar in februari) en Evergrande New Energt Vehicle staan fors lager op 3,99 HK dollar (-22,5%).
Een default van een Chinese projectontwikkelaar als Evergrande kan verstrekkende gevolgen hebben. Ze kopen de grond voor hun projecten van de gemeenten nadat de grondeigenaren tegen marktconforme prijzen zijn onteigend. De opbrengst wordt door de gemeenten gebruikt om te groeien. Dat stagneert bij defaults van projectontwikkelaars. Er dreigt dus zand in de radartjes te komen van een van de belangrijke economische motoren.