Het aantal faillissementen in China zal waarschijnlijk toenemen. Maar dat is een positieve ontwikkeling, vooral op de lange termijn. Dat zegt Joep Huntjens, portefeuillemanager voor Asian Debt Hard Currency bij NN Investment Partners (NN IP). De overcapaciteit in het land is zeer groot, terwijl het faillissementspercentage laag is door staatssteun.
“Vooral overheidsgerelateerde sectoren worden door staatssteun overeind gehouden en dat zorgt ervoor dat veel sectoren weinig faillissementen hebben gekend”, legt Huntjens uit. China kan bedrijven in zulke sectoren echter niet blijven ondersteunen, vooral in het licht van de hervormingen die het land aan het doorvoeren is.
Het faillissementspercentage is op de Chinese onshore obligatiemarkt al jaren 0%. Huntjens noemt dat geen natuurlijke situatie. “In de komende jaren zullen er meer faillissementen komen en dat is in onze ogen een goede zaak. Het is de enige manier om een gezond kredietklimaat te krijgen waarin beleggers, onder wie Chinese, een premie zullen vragen voor het kredietrisico.”
Aantrekkelijk
Chinese leningen zijn aantrekkelijk gewaardeerd, deels dankzij een gunstig technisch plaatje. Er is veel vraag naar obligaties, maar er is ook een goed aanbod. Op veel andere Aziatische markten is het aanbod heel beperkt.
“De waarderingen zijn daardoor opgelopen tot niveaus die minder aantrekkelijk zijn dan in China”, weet de fondsmanager van het NN (L) Asian Debt (Hard Currency) Fund. Dat fonds heeft de mijlpaal van 500 miljoen dollar aan beheerd vermogen bereikt. Naar eigen zeggen doet het fonds het voor het achtste jaar op rij beter dan de benchmark, de JP Morgan Asia Credit Index.
Belangrijke factor
China blijft een belangrijke factor voor Emerging Market Debt (EMD) in het algemeen. Daarvan is Huntjens overtuigd. “De overheid zal blijven toestaan dat de economische groei geleidelijk vertraagt. Dit is geen slechte zaak voor de obligaties waarin wij beleggen. China heeft voor de komende jaren weliswaar een groeidoelstelling van 6,5% per jaar vastgesteld, maar dat zou niet samengaan met het terugbrengen van de enorme schulden.”
China beschikt over de middelen om de groeidoelstelling te realiseren, maar dit zou uiteindelijk leiden tot grotere risico’s voor de langere termijn en indruisen tegen de hervormingsdoelstellingen. “Het zou beter zijn dat China de bbp-groei lager dan 6,5% laat zijn”, aldus Huntjens.




